Pedagogisch beleid KDV Heeg

Visie:

Kinderen worden beschermd en gekoesterd door hun ouder(s).

Daar wordt de basis gelegd voor hun verdere leven.

De relatie die zij opbouwen met ouder(s), broers en zussen, oma’s en opa’s is van primair belang. Zij vormen de zogeheten “binnenwereld” voor het kind.

Een van de eerste momenten dat een kind in aanraking komt met de “buitenwereld” is op ons kinderdagverblijf. Hier gaan kinderen relaties aan met andere volwassenen en kinderen. Kinderen worden op een andere manier gestimuleerd door de mensen om hun heen en door het materiaal wat zij aangeboden krijgen. Deze kennismaking met de “buitenwereld” moet zorgvuldig gebeuren. Yippee biedt een ondersteuning voor ouder(s) die buitenshuis werken of studeren en /of andere bezigheden hebben, maar het draagt ook bij aan het verbreden van de leefwereld van het kind. Yippee levert een bijdrage aan de ontwikkeling, opvoeding en verzorging van kinderen. Yippee vindt het belangrijk dat het kind zich zo snel mogelijk thuis voelt. Vandaar uit kan een kind zich verder ontplooien. Yippee staat voor opvang met passie waarbij de ontwikkelingskansen centraal staan. De manieren waarop Yippee dat wil doen, wordt omschreven in het pedagogisch beleid.

De vier basisdoelen


Pedagogische basisdoelen

De opvang van Yippee voldoet aan de vier pedagogisch basisdoelen, zoals genoemd in de Wet Kinderopvang:

· Emotionele veiligheid
· Persoonlijke competentie
· Sociale competentie
· Overdracht van normen en waarden

Het bieden van een gevoel van veiligheid
Veiligheid en geborgenheid zijn voor kinderen voorwaarden om zich te kunnen ontspannen en om zichzelf te kunnen zijn. Pas wanneer een kind zich veilig voelt, kan het zich gaan ontwikkelen. Het gaat bij dit punt met name om de emotionele veiligheid, maar een fysiek veilige omgeving is minstens zo belangrijk.

Het algehele gevoel van veiligheid wordt bepaald door de pedagogisch medewerkers, de ruimte en de andere kinderen. De pedagogisch medewerkers hebben oog voor de behoeften van de kinderen en spelen hierop in. Daarnaast zorgen zij voor een rustige, goed ingerichte ruimte en leiden zij het contact met andere kinderen in goede banen. We hechten veel belang aan het bieden van structuur, duidelijkheid, voorspelbaarheid en regelmaat. Het moet voor de kinderen op ieder moment duidelijk zijn wat ze kunnen verwachten en wat er van hen verwacht wordt. In een dergelijke veilige omgeving durft een kind zichzelf, andere mensen en nieuwe dingen te gaan ontdekken.


Praktijkvoorbeelden:
Elke dag kent een aantal vaste, steeds terugkerende onderdelen op steeds dezelfde tijden zoals de eetmomenten, wc- en verschoonrondes, slaap- en rustmomenten, buitenspelen en vrij spelen. Aan de vaste dagindeling zijn vaste rituelen verbonden zoals zingen of een boekje lezen na het fruit eten, zingen voor het eten, handen wassen voor het eten en na het plassen. Deze worden begeleid door vaste pedagogisch medewerkers.De kinderen weten op deze manier wat ze kunnen verwachten en dat geeft een prettig gevoel.

Bevorderen persoonlijke competenties

Een pedagogisch medewerker stimuleert de ontwikkeling van het kind door situaties te creëren waarin het kind zelfstandigheid, een positief zelfbeeld en zelfvertrouwen kan ontwikkelen. Kinderen ontwikkelen vaardigheden door te oefenen. De kunst is om als pedagogisch medewerker te kijken naar kinderen en aan te sluiten bij dat waar zij mee bezig zijn. Dit geldt bijvoorbeeld voor de motorische ontwikkeling, het leren van taal en andere cognitieve vaardigheden. Op deze manier draagt de pedagogisch medewerker bij aan het bevorderen van de persoonlijke competenties van de kinderen.
Door veel en gevarieerd te bewegen, krijgt een kind verschillende bewegingen onder de knie. Het gaat hierbij zowel om de grove motoriek als de fijne motoriek (kleine bewegingen met vooral handen en vingers). Bewegen speelt ook een belangrijke rol bij het leren van taal. Kinderen leren begrippen als onder, boven, over, achter, links en rechts vooral door zich deze begrippen bewegend eigen te maken. Door veel met de kinderen te praten, te zingen en boekjes voor te lezen wordt de taalontwikkeling nog meer gestimuleerd.

Praktijkvoorbeeld:

We moedigen de kinderen aan om nieuwe activiteiten of spelletjes te doen en stimuleren kinderen in hun ontwikkeling door ergens een nieuwe uitdaging aan toe te voegen, bijvoorbeeld door een puzzel aan te bieden met net wat meer stukjes dan een kind gewend is of bij een baby een speeltje net iets verder weg te leggen zodat de baby moeite moet doen om het te pakken.

We stimuleren de kinderen iets te doen wat ze moeilijk of spannend vinden. Hierbij kun je denken aan zelf proberen om je jas of schoenen aan te doen. We helpen daar waar nodig is. En een applaus doet wonderen!

Zelfstandigheid

Kinderen worden gestimuleerd om zelfstandig taken uit te voeren. De pedagogisch medewerkers proberen bijvoorbeeld bij het uitkleden of het naar de wc gaan kinderen zoveel mogelijk zelf te laten doen. Pedagogisch medewerkers spelen in op wat het kind kan en wil. Dit wordt zoveel mogelijk afgestemd met de omgang in de thuissituatie. Opdrachten passen bij het ontwikkelingsniveau. Pedagogisch medewerkers zorgen ervoor dat niet iets van het kind wordt verwacht waaraan het niet kan voldoen. Belonen van een nieuwe stap draagt bij aan het zelfbewustzijn van het kind.

Zo vinden kinderen het spannend om iets nieuws te ondernemen. Het stimuleren van zelfstandigheid vraagt om een individuele benadering van elk kind.

Bevorderen sociale competenties

Kinderen zijn van nature sociale wezens en oefenen al heel jong hun sociale vaardigheden. Zij doen dit vooral door imitatie van volwassenen in hun omgeving, maar ze leren ook van andere kinderen. In het contact met leeftijdgenoten doen kinderen allerlei positieve en negatieve ervaringen op. Het is belangrijk dat pedagogisch medewerkers de kinderen - daar waar nodig - goed begeleiden in hun onderlinge interacties. Zij brengen kinderen sociale vaardigheden bij door hen te begeleiden in het samen spelen, opruimen, delen en op hun beurt wachten. Bovendien stimuleren zij de kinderen om elkaar te helpen en naar elkaar te luisteren. Als kinderen een conflict hebben, kijken de pedagogisch medewerkers eerst of de kinderen het zelf op kunnen lossen. Lukt dit niet, dan zullen zij de kinderen hierbij helpen. Op deze manier worden de sociale competenties van de kinderen bevorderd.

Sociale contacten

Een sfeer wordt gecreëerd waarin kinderen leren om respect te hebben voor elkaar. Kinderen kunnen veel aan elkaar hebben, maar zij kunnen elkaar ook onderdrukken. Zij worden gestimuleerd om duidelijk aan elkaar te maken wat zij wel en niet willen. Als er twee gezinsleden bij elkaar op de groep zitten ( bijv. broer en zus ) kunnen zij elkaars ontwikkeling tegenwerken, als pedagogisch medewerker moet je dit goed in de gaten houden. Baby’s worden zoveel mogelijk door de vaste pedagogisch medewerker verzorgd. Pedagogisch medewerkers geven het voorbeeld hoe er met elkaar wordt omgegaan. Pedagogisch medewerkers zijn zich te allen tijde bewust van hun voorbeeldfunctie. Kinderen imiteren. Pedagogisch medewerkers houden hier rekening mee bij hun taalgebruik en hun houding bij de activiteiten waaraan de kinderen deelnemen.

Ook houd de pedagogisch medewerker rekening met de voertaal van het kind. Op Yippee wordt over het algemeen fries gesproken maar is de voertaal Nederlands bij het kind zal hier rekening mee gehouden worden en wordt er Nederlands met het kind gesproken. Een kind kan een voorkeur ontwikkelen voor een bepaalde pedagogisch medewerker. Soms is deze gekoppeld aan hoe vaak hij/zij die pedagogisch medewerker ziet. Vanuit het kind bekeken is dit begrijpelijk. Een pedagogisch medewerker gaat hier professioneel me om. Een pedagogisch medewerker geeft alle kinderen gelijkwaardige aandacht.

Praktijkvoorbeeld:

We verwelkomen de kinderen als ze binnen komen en zeggen ze gedag als ze weer naar huis gaan.

Als kinderen een conflict hebben grijpen we niet direct in. Kinderen leren bij onderlinge conflicten voor zichzelf op te komen. Bij conflicten kan de pedagogisch medewerker ruimte geven om zelf naar oplossingen te zoeken. Alleen als dit niet mogelijk is of als een kind dreigt het onderspit te delven, kan de pedagogisch medewerker ingrijpen. We observeren de situatie en gaan pas bemiddelen als het de kinderen echt niet zelf lukt het conflict op te lossen.

Bij de peuters wijzen we soms ook kinderen aan die bijvoorbeeld samen in het huisje mogen spelen. Op deze wijze stimuleren we de kinderen tot samenspel, het flexibele omgaan met leeftijdsgenootjes en ( zodra mogelijk) het vormen van vriendschappen.

Overdracht van waarden- en normen en cultuur

Kinderen leren om te functioneren in een groter geheel; in de groep en in de maatschappij. Zij leren wat wel en niet mag en hoe je je moet gedragen. Pedagogisch medewerkers zijn zorgzaam maar stellen ook duidelijke grenzen en geven uitleg waarom iets niet mag. Zij bevorderen de ontwikkeling van de eigen verantwoordelijkheid en laten voorbeeldgedrag zien. De inbreng van kinderen wordt serieus genomen.

We vinden het belangrijk dat kinderen worden opgevoed tot zelfstandig burgers met waarden en normen die kloppen met die van de maatschappij waarin ze opgroeien. Pedagogisch medewerkers maken afspraken met kinderen en leggen de afspraken aan kinderen uit en leggen ook het belang van de afspraak uit.


De meest positieve en effectieve manier om gewenst gedrag van kinderen aan te moedigen is om ze te belonen. Kinderen reageren positief op complimentjes, aandacht en aanmoedigingen. Ze voelen zich gerespecteerd en hun gevoel van eigenwaarde groeit.

Praktijkvoorbeeld:

Voorbeelden: zuinig en netjes omgaan met andermans spullen, een groot kind dat een kleiner kind helpt of troost, op je beurt wachten, samen spelen met het speelgoed, niet schreeuwen of schelden, op de bank blijven zitten aan tafel.

Als een kind hulp nodig is of iets wil, kan een kind dat gewoon vragen ( indien de leeftijd dat toestaat). Een ander commanderen of bevelen uitdelen, staan we niet toe. Een kind leert zo respect hebben voor een ander en zal ervaren dat het ook respect terug krijgt.

Verdriet en troosten

Kinderen krijgen de ruimte om hun emotie te tonen. Het verdriet van een kind wordt serieus genomen. Soms is een kind boos, omdat het een conflict heeft.

Soms is een kind verdrietig. Kinderen met verdriet krijgen ook de ruimte om aan te geven of zij getroost willen worden. Kinderen die hun tranen wegslikken worden gestimuleerd om hun emotie te uiten.

Verdriet wordt bespreekbaar gemaakt. Bij kinderen die regelmatig verdriet hebben, is het belangrijk dat de pedagogisch medewerker voorstelt om dit met de ouders te bespreken.

Om kinderen te troosten is het bieden van geborgenheid het belangrijkste. Het kind op schoot nemen bijvoorbeeld. In principe laten de leidsters kinderen niet lang huilen. Bij baby’s wordt er met de ouders veel overleg gevoerd over hoe er wordt omgegaan met huilen, slaapgewoontes enzovoort. Er kunnen zich echter wel situaties voordoen waarin er wordt afgesproken met de ouders om het kind kort te laten huilen ( bijvoorbeeld kind in slaap huilen ). Als een baby in de slaapkamer huilt, gaan de pedagogisch medewerkers altijd eerst kijken voordat zij besluiten wat zij gaan doen. Een andere situatie kan zijn dat het huilgedrag doorbroken moet worden.

Regels en grenzen

Regels worden consequent maar niet halsstarrig toegepast. Er wordt rekening gehouden met het ontwikkelingsniveau van het kind. Bovendien vraagt elke situatie zijn eigen aanpak. Een kind dat vaak grenzen aftast, wordt anders benaderd dan een kind dat voor het eerst een regel negeert. Als er van een regel wordt afgeweken, wordt de reden uitgelegd. Kinderen worden gestimuleerd om zich verbaal te uiten en leidsters tonen het voorbeeld. Uitleg is ook belangrijk om te zorgen dat het kind de regels begrijpt. Door de regels weet het kind tot hoever het mag gaan en het ervaart wat er gebeurt als het de grenzen overschrijdt. Door kinderen aan te spreken op wat zij doen, leren zij de consequentie van hun gedrag.

Soms neemt ongewenst gedrag eerder af door het negeren van negatief gedrag gekoppeld aan het belonen van positief gedrag.

Belonen gebeurt door complimenten te geven. Als een kind de afgesproken grenzen overschrijdt, kan het nodig zijn voor een pedagogisch medewerker om het gedrag te corrigeren. De pedagogisch medewerker maakt een bewuste afweging om het gedrag te negeren, een alternatieve oplossing te zoeken of het gedrag te corrigeren. Gedrag wordt alleen gecorrigeerd op een manier die binnen de belevingswereld van het kind past en niet het zelfvertrouwen van het kind ondermijnt.

Pedagogisch medewerkers zijn consequent. Als zij iets zeggen zorgen zij ervoor dat het daadwerkelijk gebeurt als een pedagogisch medewerker een kind waarschuwt, zorgt zij ervoor dat de aangekondigde ‘straf’ ook uitvoerbaar is. Het kind wordt niet gekleineerd. De pedagogisch medewerker zorgt dat het gedrag en niet het kind wordt afgekeurd.

De leidster laat blijken dat zij het kind, ondanks zijn gedrag, nog lief blijft vinden. Dit versterkt de eigenwaarde van het kind.

Om de straf te bepalen, vraagt de pedagogisch medewerker zich af wat het kind emotioneel aankan. Vraagt de pedagogisch medewerker te veel? Probeert het kind wellicht op een negatieve manier aandacht te krijgen? De ‘straf’ heeft altijd een duidelijk verband met wat er gebeurd is. De ‘straf ’vindt ook snel na de ‘overtreding’ plaats zodat er een verband bestaat tussen de daad en de ‘straf’. De duur van de ‘straf’ past bij de tijdsbeleving van het kind.

In principe gaat de pedagogisch medewerker naar het kind toe zodat zij haar stem niet hoeft te verheffen. Door lichaamstaal ( streng kijken ) kan een kind begrijpen dat het gecorrigeerd wordt zonder dat de stem wordt verheven. Er kunnen zich echter situaties voordoen waarbij het in het belang van de veiligheid is om een kind met het verheffen van de stem te waarschuwen. Bijvoorbeeld als een pedagogisch medewerker een kind aan het verschonen is en zij ziet een gevaarlijke situatie aan de andere kant van de ruimte dan kan dat een reden zijn om het kind op die manier aan te spreken. De pedagogisch medewerker gaat dan zo snel mogelijk naar het kind toe. Wat de pedagogisch medewerker zegt bij het ‘straffen’ heeft ook effect op het oordeel dat een kind van zichzelf heeft.

Na afloop van de ‘straf’ praat de pedagogisch medewerker met het kind. Begrijpt het wat er is gebeurd? Begrijpt het dat de pedagogisch medewerker niet boos is? Bij ‘straffen’ kan het kind apart worden gezet. LEIDSTER EN KIND MAKEN HET ALTIJD WEER GOED! Wanneer het kind gedrag vertoont dat vaak gecorrigeerd wordt, dan wordt dit besproken binnen ons team.

Observeren en signaleren van problemen

Een van de taken van de pedagogisch medewerkers is het observeren van de kinderen tijdens hun dagelijkse doen en laten. Natuurlijk houden we zorgvuldig in de gaten hoe het met de kinderen gaat. In de kindmap houden we het welbevinden en de ontwikkelingen bij van het kind. Het is belangrijk dat de pedagogisch medewerkers alert zijn op veranderingen in het gedrag van kinderen. Deze veranderingen kunnen duiden op een probleem. Dit kan iets kleins zijn, zoals weer gaan huilen bij het afscheid nemen of het niet meer willen slapen. Dit kan te maken hebben met veranderingen thuis als een verhuizing of de geboorte van een broertje of een zusje. Een gesprek met de ouders kan dan duidelijkheid geven. Wanneer er complexere problemen zijn en de pedagogisch medewerker het vermoeden heeft dat de ontwikkeling afwijkt van het normale patroon kan er na overleg en met toestemming van de ouder(s) een gerichte observatie plaatsvinden. Voorafgaand aan deze stap is er altijd overleg binnen het team. In principe worden alle gesignaleerde problemen met de ouder(s) besproken. Pedagogisch medewerkers waken ervoor om problemen te noemen zonder dat zij deze concreet kunnen omschrijven. In eerste instantie zal een gesprek met een ouder(s) verkennend zijn. Zien de ouder(s )ook hetzelfde gedrag thuis? Hoe kijken de ouder(s )er tegen aan?

Beschouwen de pedagogisch medewerkers het als een serieus probleem; dat wil zeggen als er niets meegedaan wordt blijft het probleem bestaan of wordt het erger, dan wordt in overleg met het team een plan van aanpak afgesproken. De pedagogisch medewerkster krijgt ondersteuning van de houder en/of het consultatiebureau. Zij denken met de pedagogisch medewerkster mee, kunnen, indien gewenst, het kind observeren en bespreken, een afspraak maken voor een gezamenlijk oudergesprek en /of een verzoek neerleggen voor het inschakelen van externe deskundigen. Ook kunnen zij pedagogisch medewerkster en ouders adviseren over de aanpak of te nemen stappen. Dit gebeurt alleen als de ouder(s) hun toestemming verlenen. Indien haalbaar gaat de opvang in op verzoeken van andere instellingen voor medewerking bij de opsporing of oplossing van problemen, als de ouder(s )uitdrukkelijk toestemming geven voor de bemoeienis van deze instellingen. Pedagogisch medewerkers hebben een taak om hun bezorgdheid met de ouder(s )te delen. Het bespreekbaar maken kan al een geruststellend effect hebben op ouder(s).

In samenwerking met de ouder(s )en eventueel andere instanties kan de opvang meewerken aan een oplossing van het probleem. De opvang is echter beperkt in de mogelijkheid om speciale behandeling of ondersteuning te bieden aan individuele kinderen.

Bij het vermoeden van mishandeling geldt een ander plan van aanpak. Dit staat beschreven in de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Dit ligt op Yippee ter inzage.

Het kan voorkomen dat een kind niet op zijn plaats blijkt te zijn op de opvang. Als er een plan is ontwikkeld om het probleem aan te pakken, maar dit blijkt onvoldoende te werken, dan kan worden besloten om over te gaan tot beëindiging van de plaatsing. Dit gaat in zorgvuldig overleg met de ouders. Yippee vervuld hierbij een bemiddelende en beslissende rol. Hierbij wordt altijd het belang van het kind ( en de andere kinderen van de groep) betrokken en er is al een aantal keren met de ouder(s )gesproken over dit probleem.

Bij de overgang naar de basisschool dragen we relevante informatie over het kind over aan school. Zo kan school vanaf het begin goed inspelen op het kind. De overdracht gebeurt met behulp van een overdrachtsformulier. Eventueel lichten we deze informatie toe in een gesprek met de kleuterjuf. Natuurlijk is er alleen een overdracht na toestemming van de ouders.

Betrokkenheid van ouders

Om de twee leefwerelden van het kind op elkaar aan te laten sluiten overleggen de ouder(s )en pedagogisch medewerkers. Er moet sprake zijn van een uitwisseling van belangrijke informatie over de thuissituatie en het functioneren in de stamgroep op Yippee .

Vanaf het wennen tot het moment van vertrek, hebben pedagogisch medewerkers een belangrijke rol bij het in stand houden van de contacten met de ouder(s)

Wennen

De wenperiode is bedoeld om het kind, de ouder(s) en de pedagogisch medewerkers elkaar te leren kennen. Het kind ( en de ouder(s) ) went aan de stamgroep. De pedagogisch medewerkers hebben de gelegenheid om het kind te leren kennen. Wennen verreist zorgvuldigheid, omdat dit de basis legt voor het verdere verloopt van de periode op Yippee. Iedereen heeft een wenperiode nodig, maar de duur is afhankelijk van het kind. Kinderen worden langzaam vertrouwd gemaakt met de activiteiten die gedurende de dag plaatsvinden, de regels en de gewoonten van de stamgroep. Ouders kunnen de sfeer van de stamgroep proeven en informatie krijgen over het(pedagogisch) beleid.

Eerlijkheid tussen pedagogisch medewerkers en de ouder(s )is altijd belangrijk. Dit geldt ook voor de wenperiode. Als het kind het moeilijk heeft, moeten de ouder(s) dit weten. Duidelijk afscheid nemen is voor het kind erg belangrijk. Als het kind moeite heeft met het afscheid, kunnen ouder(s) altijd bellen om te vragen hoe het met hun kind gaat.

Pedagogisch medewerkers verleggen grenzen tijdens het wennen. Kinderen krijgen de ruimte om een plaats te vinden in de stamgroep en een relatie op te bouwen met de andere kinderen en met de pedagogisch medewerkers. Alle emoties zijn mogelijk bij het wennen. Het kind kan verdriet hebben of juist boos zijn wegens het afscheid nemen. Het kan angst hebben voor de groep of het kan juist (over) enthousiast worden door de aanwezigheid van zoveel speelgoed en speelvriendjes.

Het kind is pas gewend als het een plaatsje in de stamgroep heeft. Voor sommige kinderen duurt dat wat langer pedagogisch medewerkers zijn hier alert op. De pedagogisch medewerkers besteden tijdens de wenperiode extra aandacht aan het kind en hun ouder(s). Wij gaan ervan uit dat alle kinderen een plek voor zichzelf vinden op Yippee.

Voor het kind is het heel belangrijk dat het de leidsters leert kennen. De stap van thuis naar het kinderdagverblijf is voor zowel de ouders als het kind een belangrijke gebeurtenis. Het is fijn dat beide partijen van elkaar weten op welke manier we met uw kind omgaan.

Op kinderdagverblijf Yippee komen de kinderen dus wennen in overleg met de ouders, wennen is belangrijk omdat:

Het kind vertrouwt raakt met de nieuwe omgeving, de groepsruimte, het kinderdagverblijf, de leidsters, de groepsgenootjes, enz.
De ouders vertrouwd raken met de nieuwe situatie en een goede verstandhouding met de leidsters kunnen ontwikkelen.
De zaken zoals voedingsschema´s, slaapritmen en omgang met het kind, thuis en in het kinderdagverblijf op elkaar afgestemd worden.


De wenuren worden niet gefactureerd, worden in overleg met de ouders afgesproken op de uren waar een plaats vrij is op het kinderdagverblijf zodat er geen extra leidster voor ingezet hoeft te worden.


Afscheid nemen

Als het kind de stamgroep binnenkomt, begroet de pedagogisch medewerker het kind en de ouder.

Zij maakt duidelijk dat het kind en de ouder welkom zijn in de stamgroep. Kinderen hechten aan een vast patroon bij het afscheid nemen. Het ene kind zwaait bij de deur, het andere kind gaat liever spelen. De leiding houdt hier rekening mee. Het kind voelt zich opgenomen in de stamgroep. Zijn of haar dagdeel op Yippee begint. Het moment van afscheid nemen is voor alle partijen duidelijk.

Voor het kind is het belangrijk dat het weet dat zijn ouder weggaat en later terugkomt. Als ouders moeite hebben met het afscheid nemen ( bijvoorbeeld als hun kind huilt ), kan de pedagogisch medewerker de ouder uitleggen waarom het afscheid nemen belangrijk is en de ouder gerust stellen. De pedagogisch medewerker kan adviseren om het afscheid zo kort mogelijk te houden.

Dagindeling

De kinderen kunnen maximaal 12 uur per dag opgevangen worden in ons kinderdagverblijf.

De openingstijden liggen tussen 7.00 uur en 19.00 uur.


Er zijn flexibele haal en brengtijden ( in overleg met de leiding van het kdv).
Wij hebben een bepaald dagprogramma en vinden het daarom van belang dat ouders de afgesproken breng- en haaltijden in acht nemen.


Het dagritme dat dient als leidraad voor de dag ziet er als volgt uit:


07.00 uur - 09.30 uur: De kinderen worden verwacht

Voor de ouders is er tijd en gelegenheid om een praatje te maken


09.30 uur - 10.00 uur: Samen aan tafel om een koekje te eten en wat te drinken

Er is gelegenheid voor een verhaaltje en/of een liedje


10.15 uur – 11.30 uur: De kinderen gaan vrij spelen of gaan een activiteit doen (binnen of buiten).


11.20 uur – 11.30 uur: Samen opruimen

11.30 uur - 12.15 uur: Samen aan tafel voor de broodmaaltijd

12.15 uur – 12.30 uur: Voorbereiden op het middagslaapje

12.30 uur – 14.30uur: Slapen.

De leidsters treffen voorbereiding voor de middag, schrijven in de schriftjes (tot 1 jaar) of bespreken opdrachten met de stagiaires

Peuters die niet meer slapen gaan een rustige activiteit doen of mogen naar een dvd voor kinderen kijken


14.30 uur- 15.00 uur: Samen aan tafel om fruit te eten en wat te drinken

Er is gelegenheid voor een verhaaltje en/of een liedje


15.00 uur-16.30 uur: De kinderen gaan vrij spelen of gaan een activiteit doen (binnen of buiten).


16.30 uur – 17.00 uur: Samen aan tafel voor een soepstengel en wat te drinken


17.00 uur- 19.00 uur: De kinderen worden opgehaald

Voor de ouders/verzorgers is er tijd en gelegenheid voor een praatje


Naar behoefte van uw kind kan er worden afgeweken van ons dagritme.

Er wordt op Yippee gewerkt met een vast patroon. Er zijn vaste momenten om te eten, te slapen e.d. op deze manier biedt je structuur in de dagelijkse gang van zaken, zodat de kinderen weten wat ze kunnen verwachten. Dit geeft een gevoel van veiligheid en vertrouwen. De gezamenlijke momenten bieden de kinderen rust en gezelligheid in de stamgroep. De pedagogisch medewerker houdt hierbij rekening met wat de kinderen aankunnen (tijdsduur)

Bij de lunch eet iedereen samen, pedagogisch medewerkers en kinderen. Met pedagogisch mee-eten geven pedagogisch medewerkers het voorbeeld voor het omgaan met eten en met regels aan tafel. Pedagogisch medewerkers dragen door hun eigen voorbeeld normen en waarden over rond het eten. Bovendien draagt pedagogisch mee-eten ook bij aan de sfeer in de groep.

Haal en brengcontacten

Pedagogisch medewerkers en ouders wisselen informatie uit over praktische zaken zoals halen en brengen, (fruit) eten, drinken, zindelijkheid en (slapen). Daarnaast kunnen leidsters profiteren van informatie over hoe het kind zich thuis gedraagt. En ouder(s )willen zicht krijgen op hoe hun kind binnen de stamgroep is. Pedagogisch medewerkers en ouder(s )kunnen informatie uitwisselen over:

Hoe het kind in de groep is.
Hoe het kind zich ontwikkelt
Het sociaal/ emotionele gedrag van het kind
Bijzondere voorvallen op Yippee of thuis
Afstemming in handelen

Ouder(s )en pedagogisch medewerkers zijn afhankelijk van de informatie die zij van elkaar krijgen.

Yippee is geen eiland dat afgesloten is voor ouder(s).Een ouder krijgt ruimte om vragen te stellen en met opmerkingen te komen.

Yippee neemt alle verzoeken van ouder(s )betreffende de omgang met hun kind serieus. Er wordt gekeken naar de haalbaarheid en indien nodig wordt een compromis gezocht. Richtlijn is dat het mogelijk moet zijn binnen de grenzen van de stamgroep ( bijvoorbeeld samenstelling, grootte, opbouw ) en dat de stamgroep (inclusief het betrokken kind) er geen nadeel van ondervindt.

Bij opmerkingen en klachten van de ouder(s) willen we graag dat de ouder(s) naar de pedagogisch medewerker toekomt. Zodat we de mogelijkheid hebben om het met elkaar op te kunnen lossen.

Tijdens het halen en brengen van het kind zijn de ouder(s) verantwoordelijk voor hun kind. Pas wanneer de ouder(s) de stamgroep verlaten is de pedagogisch medewerker verantwoordelijk. Als ouder(s) en pedagogisch medewerkers samen zijn, is de ouder primair verantwoordelijk voor het kind.

Oudergesprekken

Ouders en pedagogisch medewerkers kunnen elkaar spreken bij het halen en brengen. Voor meer diepgang in de contacten zijn er oudergesprekken. Pedagogisch medewerkers en/of ouders kunnen hiervoor het initiatief nemen. Na de gewenning wordt er een oudergesprek gehouden op Yippee en dan vervolgens één keer per jaar.

Doel van het oudergesprek is:

- Hoe is de algemene indruk van het kind;

- De ontwikkeling van het kind bespreken;

- Hoe is het kind binnen de groep;

- De gezondheid van het kind;

- Vormgeven aan gedeelte opvoeding door informatie uitwisseling;

- Leidsters of ouders de kans geven te spreken over problemen en/of vragen te stellen;

Aan het eind van de opvang volgt er een evaluatie gesprek. Hierbij wordt teruggekeken op de periode dat het kind op Yippee heeft doorgebracht en wordt aan alle ouder(s )gevraagd naar hun mening over de opvang.

Er wordt vervolgens een overdrachtsformulier voor school samengesteld.

Aan het eind van de opvang krijgen de ouder(s) een kopie mee van alle ouderverslagen.

Privacy

Alles wat besproken word over uw kind blijft vertrouwelijk binnen Yippee.

Wij gaan zorgvuldig om met de privacy van ieder gezin.

Ouderavonden

Er zal één ouderavond per jaar plaats vinden samen met de buitenschoolse opvang. Deze avond heeft een informatief karakter. Er staat naast algemene informatie vaak een thema centraal. Hiervoor wordt meestal iemand voor uitgenodigd. Doel van de ouderavond is de onderlinge contacten tussen ouders en tussen ouders en leidsters te bevorderen en de betrokkenheid bij Yippee te vergroten.

De uitdaging van de groep

Spelen is een manier om de wereld te ontdekken en te ordenen. Kinderen oefenen met wat zij kennen uit de wereld van volwassenen (poppen aankleden eten koken enz.). Zij experimenteren met de mogelijkheden van materiaal ( zand, water, papier en verf). Yippee is ingesteld op de behoeften van kinderen om zich spelenderwijs te uiten, zowel individueel als in groepsverband.

Inrichting van onze ruimte

Yippee is een kinderwereld waarin praktisch alles functioneel is ingericht om het speelplezier van kinderen te bevorderen.

Bij de inrichting wordt gelet op zaken als:

opstelling, bereikbaarheid van speelgoed en keuze van materiaal;
veiligheid en overzichtelijkheid;
ergonomisch verantwoord werken voor de leidsters;
uitdaging en variatie in het speelaanbod;

Keuze van speelgoed

De speelgoedkeuze is medebepalend voor hoe het kind zich uit. Ook veiligheid van speelgoed vormt hierin een belangrijke factor.

Speelgoed is:

Multifunctioneel en uitnodigend voor de fantasie
Gevarieerd om de verschillende aspecten van de ontwikkeling te stimuleren. Kinderen kunnen het spelmateriaal hanteren. Het speelgoed past bij de ontwikkelingsstadia van de kinderen in de groep. Er is voldoende evenwicht voor kinderen tussen moeilijk en makkelijk en tussen rustig en druk spelen.
Herkenbaar voor alle kinderen, van alle culturen. Maar er mag voor het kind ook onbekend speelgoed zijn om de leefwereld van het kind te vergroten. Het speelgoed geeft ook de mogelijkheid om situaties uit het leven na te bootsen. Al het speelgoed is voor jongens en voor meisjes;
Veilig voor het kind. Sommige speelgoedartikelen staan uit veiligheidsoverwegingen niet op kindhoogte. Kinderen moeten er naar vragen als ze er mee willen spelen.

Door het aanbieden van spelmateriaal en activiteiten krijgt het kind de gelegenheid om zijn mogelijkheden te ontdekken en te ontwikkelen. De activiteiten worden afhankelijk van de leeftijd voor, door en /of met de kinderen samen ingevuld. Leidsters begeleiden de kinderen ook afhankelijk van de leeftijd in meerdere of mindere mate.

Opvang in een stamgroep

Het kind zoekt een plaats voor zichzelf in de stamgroep. Omdat kinderen vaak op vaste dag(del)en op de opvang komen, treffen zij vaak bekende kinderen om zich heen. Zij worden opgevangen in één dezelfde ruimte. Hier heerst een ontspannen en gezellige sfeer. De pedagogisch medewerkers begeleiden de kinderen. Zij zorgen dat de voorwaarden aanwezig zijn om de tijd op Yippee zo aangenaam mogelijk in te vullen. Voor de allerjongsten wordt een veilig en geborgen klimaat geschapen. Ook wordt de ontwikkeling op verscheidene ontwikkelingsgebieden gestimuleerd.

Activiteitenaanbod

Het activiteitenaanbod kan op verschillende plaatsen binnen Yippee worden aangeboden. De mogelijkheden zijn in de stamgroep of buiten in de buitenspeelruimte of in de peuteropvang groep. Binnen deze peuteropvang groep doen de kinderen van 2 tot 4 jaar een peuteractiviteit. Peuteropvang is een combinatie van 2 soorten opvang; enerzijds peuterspeelzaalwerk en anderzijds kinderopvang. Deze kinderen krijgen een educatief programma aangeboden (Uk en Puk)ter voorbereiding op het naar school gaan en genieten daarbij mede van het verzorgende aspect van de kinderopvang.

Uitgangspunt is dat een kind plezier moet beleven aan de activiteit. Kinderen zijn niet verplicht om mee te doen, maar worden gestimuleerd om nieuwe dingen te proberen. Op Yippee werken we met de thema’s van het totaal programma van Uk en Puk.

Het doel van een activiteit is:

sociale contacten onderling bevorderen;
bevorderen van de ontwikkeling van een kind;
stukje rust brengen in een groep;
leren rekening met elkaar te houden ( delen van kleurpotloden, samen bouwen, maar ook het wachten op elkaar)
beleven en omgaan met verschillende materialen.

Bij georganiseerde activiteiten passen pedagogisch medewerkers het tempo en het niveau aan de groep of het individuele kind aan.

Bij knutselen is het bezig zijn met het materiaal belangrijker dan het resultaat.

Muziek, beweging en zang vormen een belangrijk aandeel in georganiseerde activiteiten. Veel kinderen uiten zich makkelijker en kunnen er vrijer door worden. Bovendien dragen het gezamenlijk zingen en de muziek bij aan een prettige sfeer in de groep. Ook bieden we kinderen de ruimte om wat te vertellen en stimuleren we de fantasie.

Pedagogisch medewerkers zorgen voor een gevarieerd activiteitenaanbod. Daarbij heeft Yippee ook gekozen voor het totaalprogramma van Uk en Puk. Uk en Puk is een totaal programma voor kinderen in de leeftijd van 0 tot en met 4 jaar. Behalve aan spraak en taal, werkt Uk en Puk aan de sociaal-emotionele ontwikkeling, motorische- en zintuigelijke ontwikkeling en de eerste rekenprikkels. De pop Puk speelt een belangrijke rol. Puk is het vriendje van de kinderen die van alles meemaakt. De belevenissen van Puk zijn voor de kinderen heel herkenbaar: puk is verkouden, of de kleren van Puk zijn vies en moeten gewassen worden……. Kinderen kunnen zich met Puk identificeren.

Ook wordt er aandacht besteed aan gezamenlijk opruimen van spelmateriaal.

Het aanbod van activiteiten varieert omdat wij het belangrijk vinden om iedere dag op onze doelgroep in te kunnen spelen.

Daarbij kijken we naar de behoefte van de groep of naar een individu die even begeleiding nodig is om zich te kunnen ontwikkelen ( denkend hierbij aan de zelfredzaamheid en motorische vaardigheden aanleren of stimuleren bij het individu om voor zich zelf op te durven komen). Bij de kinderen die bijna vier zijn bieden we af en toe wat nieuw speelgoed aan zoals de verkleedkleren of een tent. Deze kinderen mogen ook helpen bij bijvoorbeeld het tafeldekken. Zodra een kind dit aan kan mag hij/ zij mee helpen, waardoor een kind vaak heel trots is. Als een kind vier wordt en afscheid neemt worden er koekjes gebakken door de kinderen op de groep. Voor de verjaardag van papa, mama, opa of oma mag het kind wat knutselen. Ook worden de verjaardagen uitgebreid gevierd, we maken een feest hoed en het jarige kind krijgt een cadeautje. Het kind mag trakteren en er wordt gezongen voor het kind. Daarna mag het kind kiezen wat hij/ zij graag wil doen die dag ( buiten spelen of verven, plakken of kleuren).

Opendeurbeleid

Het gebouw van Yippee is zodanig ingericht dat kinderen van verschillende leeftijden elkaar kunnen ontmoeten, dit zijn de kinderen van ‘t KDV en de BSO. Dit kan zijn in de eigen of aangrenzende groepsruimte. Maar er kunnen ook specifieke activiteiten georganiseerd worden in de BSO ruimte of in de eigen groepsruimte. De talenten van de pedagogisch medewerkers kunnen daarbij worden ingezet. Ook tijdens het buitenspelen op het gezamenlijke buitenterrein kunnen kinderen samen activiteiten ondernemen met kinderen van de BSO groep. Op deze manieren worden kinderen uitgenodigd om hun horizon te verbreden en soms letterlijk een stapje verder te zetten in de beschikbare ruimte en in hun ontwikkeling. Door het open deuren beleid wordt kinderen meer mogelijkheid geboden om andere vriendjes of broers/ zussen uit de BSO groep te ontmoeten en ander speelgoed te ontdekken. Dit kan zijn in het vrij spel van de kinderen, maar er worden ook activiteiten aangeboden die kinderen extra uitdaging bieden. (Zo kunnen bijv. ook de oudste baby’s (dreumesen) aansluiten bij activiteiten voor peuters of worden er thema- gerichte activiteiten georganiseerd) Samengevat is het doel van het open deuren beleid: http://www.kienderbenkske.nl/index_htm_files/0.gifuitbreiding van speelruimte, spelaanbod en leefruimte; http://www.kienderbenkske.nl/index_htm_files/0.gifuitbreiding van onderlinge contacten tussen de kinderen; http://www.kienderbenkske.nl/index_htm_files/0.gifprofiteren van talenten van pedagogisch medewerkers; http://www.kienderbenkske.nl/index_htm_files/0.gifvertrouwdheid met het hele kinderdagverblijf. Gedurende de activiteiten buiten de eigen groep houden de pedagogisch medewerkers in de gaten of ieder individueel kind zich prettig voelt bij de situatie. Soms moet een kind nog wennen aan de situatie. Daar waar nodig wordt extra aandacht of begeleiding geboden of gaan kinderen gewoon weer terug naar hun eigen groep. Voor het vaste dagritme zoals bij het fruit /brood /cracker eten gaat een kind weer naar zijn eigen stamgroep.

Uitstapjes waarbij een kind de stamgroep verlaat.

Ons jaarlijks uitstapje is naar de boerderij van boer Bakker waar we de schapen bekijken met hun lammetjes en de kalfjes

Dit uitstapje doen we met de kinderen vanaf 2 jaar.

Ouders worden van te voren op de hoogte gebracht en kunnen zelf beslissen of hun kind meegaat.

Als de kind-leidsterratio het toelaat en de kinderen willen ergens anders spelen vermaken we ons in de naast liggende beweegtuin of gaan we wandelen.

Op het inschrijfformulier vragen we toestemming aan de ouders of we mogen wandelen met hun kind(eren) of uitstapjes maken.

Buiten spelen

Buiten kunnen de kinderen bij mooi weer in de zandbak spelen.

Er is een glijbaan waar kinderen op mogen.

Ook zijn er verschillende fietsjes/auto’s voor verschillende leeftijden binnen onze doelgroep.

Ook hier spelen we in op de behoefte van de groep van die dag

Soms is het leuk om kringspelletjes te doen of om met een paar kinderen te voetballen of om even rustig een boekje te lezen.

Feesten

Feesten, inclusief verjaardagen zijn bijzondere rituelen. De manier van vieren dient begrijpelijk te zijn voor het kind en wordt daarom zo eenvoudig mogelijk te houden. Het feest is in eerste instantie leuk voor de kinderen, je viert een feest in het belang van het kind. Bij het invullen van het feest wordt er opgelet hoe lang de feestelijke activiteiten duren en hoe lang van tevoren samen met de kinderen het feest wordt voorbereid. Feestelijke activiteiten worden er georganiseerd rond Sint-Maarten, sinterklaas, kerstmis en ons zomerfeest (wordt georganiseerd door de oudercommissie)

Leeftijdsopbouw van de groep

KDV Yippee heeft 1 verticale groep.

Op het kinderdagverblijf zitten maximaal 16 kinderen in de leeftijd van 0 tot 4 jaar.

Bij het plaatsen van de kinderen en inzetten van de pedagogisch medewerkers houden wij het schema aan dat landelijk bepaald is.

per pedagogisch medewerker mogen 4 kinderen in de leeftijd 0 tot 1 jaar aanwezig zijn
per pedagogisch medewerker mogen 5 kinderen in de leeftijd 1 tot 2 jaar aanwezig zijn
per pedagogisch medewerker mogen 6 kinderen in de leeftijd 2 tot 3 jaar aanwezig zijn
per pedagogisch medewerker mogen 8 kinderen in de leeftijd 3 tot 4 jaar aanwezig zijn

In principe staat er 1 leidster op maximaal 6 kinderen en 2 op 12 kinderen, en 3 op 16 kinderen maar dan moet er ook nog rekening worden gehouden met het aantal en de leeftijdsindeling volgens www.1ratio.nl

Begeleiding en ondersteuning op de groep

Op Yippee wordt gewerkt met een vastgesteld leidster-kind ratio. Op Yippee is er een team van vaste beroepskrachten. Alle beroepskrachten zijn in het bezit van een geldig diploma. Zij werken volgens een vastgesteld rooster, zodat kinderen op bepaalde dag(en), dagdelen meestal dezelfde leidsters treffen. Wij werken niet met vrijwilligers.

Bij het gebruik maken van ruildagen/ extra dagdelen hanteren wij ook de vastgestelde leidster-kind ratio.

De houder dragen zorg voor de dagelijkse uitvoering van zowel het algemeen als het pedagogisch beleid. Zij houdt het overzicht en ondersteund de leidster in haar werkzaamheden. Tussen de leidster en de houder vindt regelmatig overleg plaats over de dagelijkse gang van zaken en haar rol daarin.

Iedere ochtend vanaf zeven uur/half 8 tot half negen/negen uur staat er één pedagogisch medewerker op de groep en op woensdag en vrijdag staat er één pedagogisch medewerker op de groep met één achterwacht die bij calamiteiten binnen 10 á 15 minuten op Yippee moet zijn.

Tijdens de pauze is er één pedagogisch medewerker op de groep en één pedagogisch medewerker aanwezig op Yippee.( zie pauzeregeling)

Yippee is in bezit van 5 achterwachten.

Tijdens het opstarten, afsluiten, in de pauzes en op rustige dagen, kunnen de huidige ‘doorkijk -en luister’ mogelijkheden ondersteund worden door een camera.

( zie beleid 4 –ogen principe)

Het pand

Het pand delen we met de BSO en de peuterspeelzaal. Dit bevindt zich aan de linkerkant van het gebouw. Het kinderdagverblijf zit rechts in een aparte groepsruimte. We gebruiken een gezamenlijke hal, keuken en toiletten. De BSO heeft ook een eigen toilet. De jonge kinderen kunnen ook gebruik maken van het toilet van het kinderdagverblijf.

De ruimte van Yippee voldoet aan de norm. Op Yippee is blusapparatuur aanwezig. Deze worden regelmatig gecontroleerd. Verder beschikken wij over een brandplan en een certificaat bedrijfshulpverlening. Ziekte van een kind wordt door de ouders gemeld aan de leidsters. In geval van besmettingsgevaar ( zie ziekteboekje ) is de leidster bevoegd het kind de toegang tot Yippee te weigeren. Tevens wordt er ieder jaar een risico-inventarisatie uitgevoerd op hygiëne en veiligheid.

Het vierogenprincipe (zie protocol 4-ogen principe)

In een kinderdagverblijf moeten er altijd twee volwassenen zijn, die de groep kinderen kunnen zien of eventueel horen.

De eis/regel van de beroepskracht-kindratio is weliswaar al dat er twee beroepskrachten op een groep staan, maar diezelfde regel maakt het mogelijk dat gedurende 3 uur per dag van deze eis kan worden afgeweken en één volwassene op de groep voldoende is. Bijvoorbeeld tijdens de openings- en sluitingstijden en de pauzetijden, verdeeld over de dag.

Ook rustige dagen (voornamelijk de woensdag en vrijdag en tijdens vakantieperiodes) vormen een extra risico, omdat de groep dan soms zo klein is dat volgens de regels de aanwezigheid van één volwassene op een groep de gehele dag voldoende is.

Tijdens het opstarten, afsluiten, in de pauzes en op rustige dagen, kunnen de huidige ‘doorkijk -en luister’ mogelijkheden ondersteund worden door het gebruik van een camera op de groepsruimte.

Op beide slaapkamers is een babyfoon aanwezig, voor verdere uitleg over ons 4 ogenprincipe kunt u ons protocol daarvoor inzien op de locatie.

We hopen dat alle kinderen een leuke tijd zullen hebben bij Yippee!

Openingstijden:

Sneek:
Ma-Vr 07:00-19.00 uur

Heeg:
Ma-Vr 07:00-19.00 uur

Telefoon:

Sneek:
0515 781113 - 06 43525982

Heeg:
0515 442223 - 06 43525982


tekening